Articles

Trouble in Paradise

by Paul Strikwerda in Articles, Dutch, Personal 2 Comments

I was in heaven.

The Jamaican sun was shining bright and beautiful. The azure waters were calm and picture perfect.

En ik merkte dat ik al helemaal in het Engels zat te denken en te dromen. Dat krijg je als je de taal dag en nacht om je heen hoort. Immersion is the best teacher.

Mijn trouwdag was begonnen met een massage in de buitenlucht en een champagne ontbijt onder de palmbomen van ons vijf sterren resort.

Een week geleden zat ik nog voor de grap op een tropische vakantie te bieden die online werd geveild, en met het grootste geluk van de wereld won ik een week voor twee personen in een all-inclusive.

Nu stond ik onder een romantisch prieeltje dat op steigers midden in de blauwe oceaan was gebouwd. Een plaatselijke predikant met een zwaar Bob Marley accent keek me vragend aan.

Ik kon hem nauwelijks verstaan omdat de drilboren op de kust weer luidkeels aan hun werk waren begonnen. Ons paradijselijk verblijf werd namelijk onder onze ogen verbouwd. Dat verklaarde meteen waarom we voor een dubbeltje op de eerste rang zaten.

“…from this day forward, for better, for worse, for richer, for poorer, in sickness and in health, to love and to cherish, till death do us part…” herhaalde ik luidkeels.

Even later was ik voor de tweede keer getrouwd. Lang zou het niet duren.

Het goede nieuws was dat ik binnen de kortste keren legaal in de VS kon werken. Als voice-over én als NLP trainer. We hadden het geluk dat een Outward-Bound organisatie voor randjongeren hun teams bij ons op training stuurde. Mijn vrouw en ik vertrokken daarom naar North-Carolina en Idaho om een aantal cursussen te geven.

Intussen speelde Joanne van Mike Lemon Casting me regelmatig opdrachten toe, maar daar was niet van rond te komen. Niemand had in die tijd een thuisstudio, en ik was dus afhankelijk van wat ik bij m’n agent kon boeken.

GEZINSUITBREIDING

Negen maanden later veranderde ons leven voorgoed toen Skyler werd geboren. Dat betekende dat we niet meer konden reizen, en dat onze uitgaven flink omhoog gingen. Ik vond het daarom verstandig om een meer permanente baan te zoeken, en zo kwam ik bij een internationaal enquête bureau terecht waar ze op zoek waren naar mensen met een talenknobbel.

Het blokkendozerige call center zag er precies zo grauw uit als duizenden andere call centers. Mensen zaten als melkvee tussen grijze afscheidingswandjes gepropt, futloos starend naar het beeldscherm dat hun leven dicteerde. Koptelefoon op het hoofd, en een script voor de neus. Een script waar je niet van af mocht wijken.

Ik had het twijfelachtige voorrecht om namens Dell dagelijks IT managers te bevragen over hun bevindingen met de hardware die ze gebruikten “op een schaal van nul tot tien waarbij nul zeer ontevreden betekent en tien zeer tevreden. U kunt elk nummer kiezen.”

Het “aardige” was dat die tevredenheidsonderzoeken zeker een half uur tot een uur in beslag namen. Niemand had daar zin in, omdat zo’n beetje elke computer maker op aarde de IT managers van hun werk hield met de meest onnozele vragen. Het was dan ook een sport om die mensen over te halen om toch mee te doen zonder door hen te worden uitgescholden. Dat lukte meestal niet. Maar zoals mijn supervisor zei:

“Every NO is one step closer to a YES.”

VOOR DAG EN DAUW

Omdat ik drie talen goed beheerste belde ik vanuit Pennsylvania met Oostenrijk, Zwitserland, Duitsland, Nederland en het Verenigd Koninkrijk. Mijn werkdag begon om negen uur ’s ochtends Europese tijd. Ik stond dus om twee uur in de ochtend op, om om drie uur half slapend aan het werk te gaan.

Om twaalf uur ’s middags zat mijn werkdag er op, en ging ik naar huis om voor Skyler te zorgen. Het was een gruwelijk schema, maar het gaf me wel de gelegenheid om samen met mijn dochter te zijn.

Sinds haar geboorte was de relatie met haar moeder allesbehalve geweldig. Ze gaf me het gevoel dat ik gedaan had waar ze me voor aan de haak had geslagen. Nu het kind eenmaal was geboren, was ik in haar ogen niet veel meer dan een handige oppasvader.

Het is onmogelijk om een goede relatie te hebben als de liefde van één kant komt. Het brokkelt snel af en gaat van tweezaam naar eenzaam. Het voelde ook heel dubbel aan. Ik was zielsgelukkig met mijn dochter, en diep bedroefd over mijn huwelijk. Hoe langer de situatie duurde, hoe ongezonder het voor mij werd. Waar had ik dit toch aan verdiend?

KROMME LIJNEN

Als journalist had ik ooit een diepgaand gesprek met kardinaal Simonis over het onrecht in de wereld. Ik vroeg hem naar de zin van het lijden. Als God liefde is, waarom gaan fijne mensen vóór hun tijd dood, en waarom genieten kampbeulen lekker van hun oude dag? Waarom treft het kwaad goede mensen? 

“Meneer Strikwerda,” zei de kardinaal terwijl hij een sigaartje opstak, “God schrijft recht met kromme lijnen.”

Op dat moment vond ik het een nogal makkelijk antwoord, maar kijkend in de ogen van mijn dochter begon ik het te begrijpen. Zij was het levende bewijs van dat uit iets slechts toch iets goeds en moois kan voortkomen. Dat praat het lijden niet goed, maar plaatst het wel in een ander perspectief. 

ECHTSCHEIDING

Omdat alle betrokkenen zich nog in mijn naaste omgeving bevinden wil ik niet in details treden over het drama dat zich voor mijn ogen ontvouwde. Ik realiseerde me toen nog niet dat de Amerikaans rechtspraak is gebaseerd op keiharde confrontatie waarbij de rechter onaantastbaar is en moeders automatisch het voordeel van de twijfel krijgen. De enigen die er rijk van worden zijn de advocaten. 

Ik wilde graag een belangrijke rol in het leven van mijn dochter blijven spelen in een land waar dat nog steeds ongebruikelijk is. In de rechtszaal werd ik als een vreemdeling behandeld die zijn dochter waarschijnlijk naar Nederland zou ontvoeren en nooit meer terug zou keren. Dat was nooit in me opgekomen, maar ik werd wel als een potentiële kidnapper gezien.

Verder vond de rechter dat ik met mijn Britse accent nogal arrogant overkwam. In Amerikaanse films hebben veel criminele masterminds een Engels accent. De connectie tussen Brit en slechterik is daarom al gauw gemaakt, maar probeer maar eens te bewijzen dat je vanwege je komaf, je accent en je geslacht gediscrimineerd wordt. 

Enfin, het zal je niet verbazen dat ik aan het kortste end trok, en dat was iets dat zich in jaren van juridische strijd steeds weer zou herhalen. Gedurende de echtscheidingsprocedure was me al duidelijk geworden dat de moeder van mijn dochter niet zou rusten totdat ik mijn baan zou verliezen, bankroet zou gaan, en voorgoed naar Nederland zou vertrekken.

Waar die drang vandaan kwam, daar kwam ik later pas achter.

Gelukkig braken er na mijn scheiding betere tijden aan, en begon de zon langzaam weer te schijnen!

Paul Strikwerda ©nethervoice

Send to Kindle

Are You Pimping Your Voice?

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Money Matters, Social Media 6 Comments

I apologize in advance for what you’re about to read. I’m a bit fired up today.

What’s going on?

Well, I made the mistake of once again visiting the Voice Acting Alliance (Unofficial Group) Facebook Group. That’s the 9,300 member strong group where pretend voice actors will do pretty much anything for nothing.

If you’re serious about voice acting and you’re looking for solid advice, do yourself a favor and find another online community. Please.

You’ll avoid encountering people tackling pressing issues such as:

“Who will critique my shitty demo recorded in the closet with $70 worth of equipment. Kindly ignore the neighbor’s rottweiler.”

“I been having a hard time finding acting classes so if anyone could give me some references or pointers. I be very grateful.”

“I haven’t done any voice acting in this group yet. If any of you need a voice just let me know. I’m currently learning myself.”

I thought I’d give a test with the Kaotica Eyeball in case anyone would like to give this ball a try. Enjoy.”

I just learned what “slating” means… 10 auditions later…”

and the ultimate question:

“What food do voice actor eat?” (seriously!)

If I may, I’d like to add the following query:

“What diaper do voice actor wear?”

SPOON FEEDERS UNITE

The most surprising thing is that some colleagues with too much time on their hands take these questions seriously, and they start helping the ignorant members of this group under the guise of “giving back to the community.”

Excuse me, but that’s not giving back. This is spoon feeding toddlers and teens who are too lazy to do their homework. If you want to stand any chance as a future voice actor, you have to be self-sufficient instead of becoming dependent on people you don’t even know.

Now, the exchange that raised my heart rate today started with this question:

I got asked by a new author to narrate their novel. They had heard my voice and asked, and after some negotiation we agreed on a rather ludicrous price, in my favor.

Then I read the first chapter.

Bad grammar and amateur structure are but a few of the problems.

I’m not an editor, so I’m not even going to suggest that the errors be fixed. There are just too many I found in the first chapter of what is ultimately a 100,000 plus word book.

So, two questions.

1. Do I do it for the money and risk having my name attached to a trainwreck, or
2. Politely opt out and if so, what reason would I give.

Any advice is appreciated. Thanks.”

Notwithstanding the bad grammar and structure of this request for help, please take a deep breath and ask yourself what you would do, if you were the narrator. Would you take the money and suffer for the sake of gaining experience, or would you pass on this golden opportunity?

Here are some of the responses that came from the group:

I would do it for the experience as well as the pay. If you want to do audio books in the future, this is a great way to start.”

The performance can be good, regardless of the writing. If the writing sucks, that’s the author’s fault. If you can’t make the performance good, that’s on you.

Do it. Make it the best you can. Have confidence not many will hear it if it isn’t written well.… I voice poorly written spots all the time. I do everything I can to make them sound good. I get paid.”

“If f the price is right I would still do it.”

PROBLEM NUMBER ONE

As with most Facebook exchanges, people start answering questions without knowing enough about the issue. It’s like a doctor diagnosing his patient without a proper examination. How on earth can you prescribe a cure if you don’t really know what the illness is?

All we know is that we’re talking about a lengthy novel that will result in some eleven hours of finished audio if you average 2.5 words per second. According to the Audiobook Creation Exchange, ACX:

    • It takes about two hours to narrate what will become one finished hour.
    • After the narration is recorded, it then takes an editor (who might be the same person as the narrator) about three hours to edit each finished hour of recording.
    • At this point, it is strongly recommended that you run a quality control (QC) pass over the finished project. This means spending time re-listening and suggesting words, sentences, or sections to re-record. And that takes about 1.2 hours for every finished hour.

 

So, if we go by ACX, it takes about 6.2 hours to produce one hour of finished audio. That makes this novel a seventy-hour job. Probably more, because the person asking the question doesn’t seem to have a lot of experience.

PROBLEM NUMBER TWO

How much will the narrator be making? In his words he negotiated “a rather ludicrous price, in my favor.”

That doesn’t tell us anything, does it? I’ve seen people in this group thinking that $50 or less per finished hour is perfectly acceptable. Others are offering their services for free in exchange for exposure. If you don’t believe me, visit the group and start counting the “passion projects” on the page.

I’ve said it before and I’ll say it again:

If exposure is what you’re after, join Exhibitionists Anonymous.

Don’t stink up our joint with your rotten amateur attitude.

Lastly, the narrator doesn’t tell us if he negotiated a flat fee or a royalty share. That could make a huge difference in his paycheck.

PROBLEM NUMBER THREE

The narrator has read the first chapter and concludes: “Bad grammar and amateur structure are but a few of the problems.”

To me that’s a sign that this new author is peddling a self-published novel. Novels released by established publishers are heavily edited and wouldn’t have an amateur structure.

Royalty shares work out great for bestsellers, but not for most self-published books (Fifty Shades of Grey being the exception).

The real question is: how bad does bad have to be, before you bail?

Lastly, why did the narrator agree on a “rather ludicrous price” before having read the book? Don’t you want to know ahead of time what you’re getting yourself into?

Now to some of the answers that made me quite upset. They all come down to one thing:

DO IT FOR THE MONEY

Seriously, what kind of lousy response is that? Are you pimping yourself out to the highest bidder? Is that it? In that case, I’m afraid you’ve chosen the wrong line of work. 

Let’s say you’re an independent contractor bidding on a construction job. The architect is an amateur, the floor plan is flawed, and the materials you’re required to use are inferior. In short, you’ll be building a dangerous structure and it will take forever to finish the project as you’re learning on the job.

Nevertheless, you would still do it because you’re making good money?

Don’t you have any professional or ethical standards? Are you simply that desperate?

Don’t you realize that even though you didn’t write the damn book, you will forever be associated with this piece of pulp fiction? Even if you were to use a pseudonym, it’s still your voice whispering in people’s ear. 

At this point I can hear you say:

“Now, wait a minute. Who are you to judge me? It’s just someone else’s book. It’s no big deal.  Life is about compromises, and I’ve got to pay the bills.” 

WHAT ABOUT INTEGRITY

Here’s what I would say:

I can fully understand that as a narrator you’d record books you would never take out of the library yourself. I’ve narrated the biography of Ludwig von Mises, a libertarian economist who was vehemently against socialist government intervention. I see myself as being on the opposite side of the political spectrum, and yet I thoroughly enjoyed learning about laissez-fair economics as I was recording the book.

The biography was well-written, well-structured, and well-edited. To this day, I am very proud of my contribution.

Contrast that with a lengthy, poorly structured, self-published novel filled with errors and bad grammar. Out of all the voice-over projects you could be taking on, is that the one you wish to record? And why? For the money? For the experience? 

I can guarantee you that this will become one of your most painful and frustrating experiences as an aspiring audio book narrator. You will curse the day you said YES to this project, and you will resent the overly demanding author who will bombard you with changes he expects you to record for free.

How do I know that? Because as a rule of thumb, the cheapest clients are the biggest pain in the butt. Once they hear you reading their work, they realize what’s wrong with it, and they’ll start rewriting entire passages.

The only experience you’ll get will teach you how not to approach audio book narration. If you ask me, no money in the world is worth the stress and aggravation.

If you want to learn how to properly cook a meal, start with the right ingredients. You’ll never make an amazing dish using inferior produce and rotten fish. 

MAKING THE BEST OF IT

But what about this comment:

The performance can be good, regardless of the writing. If the writing sucks, that’s the author’s fault. If you can’t make the performance good, that’s on you.

Have you ever seen the buddy movie 50/50 with Joseph Gordon-Levitt, Seth Rogen, Anna Kendrick, and Anjelica Huston? It’s one of the worst movies I’ve seen in years. It is utterly predictable, and even actors I normally admire cannot save a terrible script and poor direction. The Guardian critic wrote:

“I can only say I found it charmless, shallow, smug and unlikable: a bromance weepie about cancer with a very serious “bros before hos” attitude.”

A good performance cannot save a bad script, and a good script cannot make up for bad acting. The end result is still forgettable.

Do you really want to associate yourself with garbage, simply because you’re motivated by money?

Don’t you have any professional pride?

Take it from me: you will never do your best work for the love of the pretty penny.

If money is what you’re after, you should probably pick a different profession.

I rest my case.

Rant over.

Paul Strikwerda ©nethervoice

PS: Be sweet: Subscribe, Share & Retweet!

Send to Kindle

Een Rampjaar

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Dutch, Personal Leave a comment

I’m in a bit of a pickle, and I only have myself to blame.

A few weeks ago I started blogging in Dutch, and some of my English speaking friends have been wondering why they’re receiving articles they can’t read.

Let me assure you: it’s only temporary. I just don’t have a way to send my Dutch contributions to my Dutch speaking subscribers only. There will be a new story in English each week. Just skip this post and read my article about a lucrative side hustle: emceeing live events!

ELF SEPTEMBER

Het was najaar 2001. Amerika was net opgeschrikt door de brute terroristische aanslagen op het World Trade Center en het Pentagon. Passagiers van vlucht 93 wisten nipt een aanslag op Washington, D.C. te voorkomen. Familie en vrienden uit Nederland belden me paniekerig op omdat ze gehoord hadden dat er een gekaapt vliegtuig in Pennsylvania was neergestort.

In de dagen na nine-eleven liepen opeens overal geüniformeerde mannetjes met machinegeweren rond. Ouders knuffelden elkaar en hun kinderen bij elk afscheid met hernieuwde intensiteit. De restaurants waren leeg want het voelde ongepast om lekker uit eten te gaan.

Terwijl de natie in nationale rouw was gedompeld begon ik aan een nieuw hoofdstuk in mijn carrière. Een hoofdstuk dat begon in een oud verbouwd pakhuis, vlakbij de haven van Amerika’s eerste hoofdstad, Philadelphia. The City of Brotherly Love.

Het was de eerste woensdag van de maand. Geen gehaktdag, maar de maandelijkse open casting call bij Mike Lemon. Ze noemen het terecht een Cattle Call, omdat de gangen van het castingbureau zwart zagen van de mensen die allemaal hun kunstjes kwamen tonen. Jongleurs, buiksprekers, hip hop dansers, coloratuur sopranen, fotomodellen…. en een verdwaalde Nederlander met een omroepverleden.

Iedereen die zich inschreef kreeg een nummer en daarna begon het lange wachten. Opgefokte ouders met jengelende kinderen gingen aan mij voorbij. Puisterige pubers warmden zich ongegeneerd op. En ik vroeg me af wat ik daar in hemelsnaam deed, zonder goocheltrucs of danspasjes.

MIJN SCREENTEST

“Mister Strick-Word-Aah?” klonk het uit een hoek. Ik werd in een donkere kamer geleid met een camera en een fel licht.

“Strick-Word-Aah, what kind of name is that?” vroeg iemand in het duister.

“It’s Dutch. I’m from Holland.”

“Poland? I though you were Dutch?” zei de stem.

“Holland as in the Netherlands,” antwoordde ik.

“Ah, the Netherlands. Why didn’t you say so? I know the Netherlands. Clogs. Tulips. Windmills. The people are very tall and everybody speaks English. I like the Netherlands!”

Hij ging verder:

“So, let’s see what you got for us today. Stand in front of the camera, state your name, and tell us about yourself.”

Na amper twee zinnen onderbrak hij me.

“You don’t sound like you’re from the Netherlands. You sound like you’re from England, but not quite… Interesting. Give me two seconds.”

Hij draaide zich om en riep “Get me Joanne.”

Twee minuten later kwam er een struise vrouw binnenlopen.

“Joanne, I want you to meet Paul. He’s from Holland. Paul, meet Joanne, our voice-over director. The two of you should talk.”

“Mike, Manoj is on the phone,” fluisterde Joanne. “He says it’s urgent.”

Manoj is de “M” in M. Night Shyamalan, de maker van The Sixth Sense (“I see dead people!”) voor wie Mike Lemon alle casting deed.

Joanne wandelde me van het donker in het licht naar een kamer die van de vloer tot aan het plafond gevuld was met cassettebandjes.

“That’s all my talent,” zei Joanne met een brede lach. “I represent over a thousand voices but I’ve never had someone from the Netherlands. What’s your story?”

Een paar koppen koffie later had ik het gevoel dat ik met een oude vriendin aan tafel zat. Joanne Joella had net als ik een radio achtergrond. Ze was adjunct professor in het theater department van een locale universiteit. Bekende en onbekende acteurs huurden haar in als stemmen- en dialect coach. Haar persoonlijkheid was wat ze hier “larger than life” noemen. Joviaal, aanstekelijk uitbundig, en lekker luidruchtig.

Die middag gingen we aan het werk met allerlei scripts. “I want to know how well you can take direction,” zei ze. “You can have the best voice in the world, but if you can’t follow instructions you’re never going to make it.”

De paar uur die ik met haar spendeerde was een masterclass in stem acteren, en pas later besefte ik dat ik ook auditie aan het doen was. De middag vloog om, en toen het tijd was om te vertrekken zei Joanne: “I think I might have something for you. I’ll call you tomorrow.”

Toen ik Mike Lemon Casting verliet besefte ik dat ik opeens een echte Amerikaanse agent had.

Wow!

My first headshot

UIT DE ILLEGALITEIT

Een week later ging ik terug naar Philadelphia voor de opname van mijn eerste commercial, een radioreclame voor Hersheypark, het pretpark van een bekende chocoladefabriek. Een maand later lag er een vette cheque bij mij in de brievenbus, dik verdiend door een Hollandse kaaskop zonder werkvergunning.

Houston, we’ve got a problem. 

De snelste manier om legaal in de Verenigde Staten te kunnen werken, was om Amerikaans staatsburger te worden. Dat was alleen na 9/11 een stuk moeilijker geworden. De procedure kon jaren duren, zelfs voor iemand uit een neutraal land als Nederland.

“I see only one solution,” zei mijn partner.

“What might that be?” wilde ik weten. 

“We’ve got to get married. They can’t deny you citizenship once we’ve tied the knot.”

Eerlijk gezegd was ik nog helemaal niet aan trouwen toe. Aan de andere kant wilde ik graag voice-overs blijven opnemen. Ik was het oberen zat, en de kans die me bij Mike Lemon geboden werd was een dream come true.

“Ik wil er eerst een nachtje over slapen,” zei ik. “This is too important.”

Het werd een slapeloze nacht van wikken en wegen, van voors en van tegens. Hoe meer ik er over nadacht, hoe minder zeker ik van mijn zaak was. 

Maar toen de zon eindelijk opkwam, wist ik wat ik wilde.

En zo nam ik de beste en slechtste beslissing van m’n leven.

wordt vervolgd

Paul Strikwerda ©nethervoice

 

Send to Kindle

Who wants to be an Emcee?

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Freelancing, Personal 8 Comments

The author as emcee. Click photo to watch video.

It all started when I was still working in radio and television. I’d been a roaming reporter, a producer, a news anchor, and a presenter. I knew people, and people knew me. What’s more, they trusted me.

One day I got a call from a symposium organizer who wanted to know if I’d be interested in moderating a debate they were organizing. I happened to be available, so I said yes. That two-hour gig made me more money than an entire week on the radio. More importantly, I had so much fun doing it!

The audience seemed to respond well, and one gig led to another, and another. Then a local theater needed an emcee for a gala, and thought I’d be a good fit. A week later I was introducing speakers and performers on a huge stage.

ESCAPING THE STUDIO

What I loved about it was the opportunity to escape from the studio, and be in front of a live audience that responded immediately to what I was saying and doing. That rarely happens in radio (or in voice-overs). Even when taping a TV show, the audience is warmed up ahead of time by some sad comedian, and told when to applaud. There’s nothing spontaneous about it.

As the emcee, I got to set the tone and the energy for whatever event I was involved in, and it brought the extrovert out in me. Eventually, this hosting thing became a nice side hustle and I got more requests than I could handle. I reacted by raising my fee, but that had the opposite effect. Because I was more expensive I became more in demand. Remember that when you’re negotiating your next VO gig!

The truth is, I’m not sure I was that good, but I soon discovered that there simply weren’t too many people who had the guts to address a large crowd. Most folks would probably pee in their pants at the idea of being in the limelight.

As a minister’s son I had had years of practice being in front of the congregation reading from scripture or doing a nativity play. Unknowingly, the Dutch Reformed Church had prepared me for becoming a master of ceremonies.

THE BIGGEST HURDLE

Being an event host is a bit like doing voice-overs: it seems easy until you actually have to do it. Here’s why:

It’s tough to be natural in an unnatural situation.

Most people become extremely self-conscious. They don’t know how to hold their hands, they can’t control their voice, and suddenly the words that come out of their mouths sound silly and insincere.

Now imagine doing all of that on stage, with lots of strangers watching your every move. Are you having fun yet?

So, depending on your mental makeup, this could either be a nightmare scenario or an interesting career opportunity for you. We all know that freelance income fluctuates, and since you’re already using your voice to make a living, why not add some public speaking to your repertoire?

To make sure you’ll get asked back after your first engagement, I’m going to share some tips with you.

HOW TO BE AN AMAZING EMCEE

The number one question people always ask me is this:

“How do you curb your nerves?”

First, you’ve got to know that nerves are normal. They’re a sign that your mind and your body are awake, alert, and willing to do well. Welcome your butterflies and thank them for lifting up your level of energy and excitement. Athletes, actors, and musicians need that extra boost to take their performance to the next level. So do you!

Secondly, the best way to prevent nerves from paralyzing you, is preparation. The next question is: how do you prepare?

When I first started emceeing, I expected the organization that was hiring me to take care of every little detail. Because they knew what was happening, they expected me to know what was happening as well. They thought I’d just go on stage and start talking.

I soon learned that it was my job as host to get as many details about the event and the speakers as possible, at least a few weeks ahead of time. If the organization was unwilling or unable to provide that, I took that as a red flag and I declined the job.

This is also your first opportunity to establish your expertise and your authority by putting your foot down. Even though you don’t organize the event, once the show starts rolling, you will be seen as the person in charge, and you effectively are. At that point you don’t want people to challenge, distract, or confuse you.

So, what sort of information do you need?

GET THE FACTS

Before you even agree to do the job, find out as much as you can about the organization(s) involved. Would you be proud to be associated with them? Even though you have no formal ties with them, you will be seen as representing them on stage. Equally important is to know your audience. You don’t want to talk down to them, or go over their heads.

As you are preparing, dig up some fun facts about the company or charity behind the event, as well as the speakers and the entertainment. That way you’ll always have something to say in case you need to stall for time.

No matter how well-organized an event may be, speakers may arrive late, the band will need a few more minutes to set up, and the prize you were supposed to hand out might vanish. During those times you’ll be glad you have something to talk about.

Be sure you are in command of the basic facts: who will be speaking when, how to pronounce their names, and what their credentials and accomplishments are. In case of performers, get the names of the individual band members, find some career highlights, let the audience know where they can find their music, and where they’ll be performing next. 

Let me stress: don’t trust the organizers to give you all the info you need. Do some digging yourself. Being knowledgeable shows that you’re not just in it for the money. A professional emcee is genuinely interested in the event, the people, and the organizations that take part.

Here’s the thing: if you are interested and involved, you will sound interested and involved, and you are more likely to get the audience interested and involved. I’ve seen emcees that looked like they were only there to collect a paycheck. It’s boring, embarrassing, and insulting.

SPONSORS

These days, most events don’t happen without sponsors. These sponsors don’t throw money at an event just because they’re in a charitable mood. They expect something in return: publicity. Perhaps they’re also a vendor at the conference.

It is your job as an emcee to enthusiastically mention these sponsors multiple times during your time on stage. Be prepared to say something nice about them, and ask the audience to show their appreciation by giving them a round of applause. If the CEO’s of these sponsors are present, acknowledge and thank them as well.

Remember: people like to feel valued and appreciated. CEO’s want to look good in the public eye. If you treat them with respect and present their company or organization in a positive light, chances are that they’ll continue sponsoring the event in years to come. This will make you look good in the eyes of the organization that hired you, and the CEO’s might think of you to emcee their next corporate event. Win – win!

Speaking of those who hired you, even though you are the MASTER of ceremonies, you provide a SERVICE for which you’re getting paid. Act like the confident professional you are, and don’t bite the hand that feeds you. Don’t behave like a jerk or a diva, just because your face is on television, or all over YouTube.

No matter what happens, your job is to make the organization and the organizers look good. If they look good, you look good.

DISASTER STRIKES

If something goes wrong, don’t point it out. Unless the building catches fire, the audience doesn’t need to know. It’s up to you to distract and deflect. Buy time while the problem is being sorted out.

Now, in case of a real emergency, you may have to direct the audience to stay calm and head to the nearest exit. So, make sure you know where those exits are and what is expected of you in those situations. Lives may depend on it.

Another question people always ask is: “What should I wear?”

The short answer is to dress professionally and dress for the occasion. You don’t go to a gala in your jeans, and you don’t wear a tuxedo if you’re moderating an academic panel. If in doubt, ask the organization.

Whatever you wear, make sure it is clean, ironed, and it fits right. Bring some spare clothes in case someone spills a drink on you. And visit your hairdresser before the event. If you look good, you feel good, and you’ll shine on stage.

Realize that the harsh stage lights aren’t always kind to your complexion. In fact, they might make you look downright pale and sickly. To counteract that, always bring some powder foundation and apply it before you go on stage. This tip is for women AND men! Click here for a quick tutorial. You may want to consult with a makeup artist to find out which products are best for you.

Emceeing the Easton Farmers’ Market

TAKE YOUR TIME

This brings me to another point: give yourself enough time to get to the venue and prepare. Professionals are punctual. Require a parking pass or a reserved parking spot so you don’t waste time hunting for one.

Familiarize yourself with the stage and the equipment. Make friends with the sound engineer and do the soundcheck ahead of time. The words “Check, one, two, three,” followed by thumping on the microphone at the beginning of a show, are the sounds of an amateur.

Always bring a clipboard for your notes, or prepared 3 x 5 cards. Never write complete sentences but use keywords so you can speak semi-spontaneously instead of reading to the audience. When you read, you lose eye contact, and you disconnect from those in front of you.

If you’d like to put some personality into your presentations, avoid using clichés such as:

“Without further ado,”

“Sit back, relax, and enjoy the show.”

“Last but not least,” and 

“Boy, are we in for a good time.”

When speaking, make sure you face the audience. That seems to be a given, but I’ve seen quite a few emcees with their backs to the crowd as they were introducing the band behind them on stage.

Even though you may not see your audience very well because of the blinding lights, pretend you do. Let your eyes rest at various spots in the auditorium, including the balcony. This will give people the feeling that you connect with them, no matter where they are sitting.

HOW TO HANDLE THE AUDIENCE

Some jobs will require you to go into the audience to get some reactions or do short interviews. A few pointers:

Never drink any alcohol before, during, or after your gig.

Make sure your breath is fresh. Click here to find out what kind of mouth spray I use. 

Always hold on to your microphone. Once it’s taken from you, you have lost control of the situation.

Never embarrass people by making fun of their appearance or accent. You’re putting them on the spot, so please be respectful.

Be very careful with humor. It could easily backfire. I once cracked a joke about our mayor as I was introducing him, and he was not amused. Later on he called the organization that had asked me to emcee, and filed a complaint. In hindsight I had to agree with him. The joke wasn’t very funny and could easily be misinterpreted.

In doubt, err on the side of caution.

Having said that, no one likes an emcee who’s bone dry and dead serious. So, if you catch yourself saying something that makes the audience laugh, make a mental note. In the beginning of your emcee career, you’re like a comedian doing tryouts to find out what works and what doesn’t.

Here’s an example.

Sometimes you’ll be asked to hand out rewards or prizes to unsuspecting individuals. They walk up to the stage, overwhelmed and incredibly nervous. It’s your job to put them at ease so they’re able to give a short thank you speech. Quite often, these people will be crying their eyes out.

At that point I usually hand them a tissue saying: “Please take this tissue. I’ve only used it once.”

Somehow, that always gets a laugh from the audience and from the person crying. Once they start smiling, I know they’re ready for their acceptance speech.

TAKING CARE OF YOU

I’ve already mentioned the importance of your physical appearance. But there’s more. Being an emcee is a great responsibility that comes with a lot of pressure. You need to keep the show moving and make sure every element begins and ends on time. There are a lot of details to keep track of and people to please. And you have to do it all with a smile.

Some days you can’t wait to go on stage and do your thing. Other days you just want to stay home and relax. Then there are days when everything turns dark when a beloved pet, close friend, or family member ends up in the hospital or worse.

You’re bound by a contract, so the show must go on. Whether you like it or not.

Whatever is going on in your personal life, leave it at the door as soon as you walk in. You have been hired to support the event. Whatever support you need has to be put on hold.

I’ve been in situations where I’d wish I wouldn’t have to be on stage pretending everything is hunky-dory, but you know what? The distraction of being there, helping other people have a good time, helped me deal with my personal issues. For a few hours I could stop obsessing over a stressful situation and focus on the job I had to do. 

That too, is being a professional.

Two months after my stroke

SHOULD YOU DO IT?

If you feel that emceeing is something you could do, you’ve got to do it for the right reasons. For one, you are not the star of the show. You’re on stage to create a welcoming atmosphere in which all participants can shine. Your job is to make other people look good. Sometimes you’re their safety net. Sometimes you’re their cheerleader.

Whatever role you play, you’ve got to be genuinely involved and interested – even when the spotlight is not on you. I’ve seen emcees enthusiastically announce an act, and look completely disinterested and bored off-stage, even making faces at the performers. Things like that upset me more than I’d like to admit.

Good emcees are focused on others. Bad ones are focused on themselves.

Being an emcee is not for the shy. You’ve got to be

comfortable in front of a crowd

comfortable without a script

comfortable under pressure

comfortable dealing with strong personalities

comfortable thinking on your feet

comfortable being you

Now, it is often said that the last thing you leave people with, will be remembered most. So, after you have thanked the participants, the organization, and the audience for their involvement, you leave the stage and thank everyone who has helped you do your job, from the sound engineer, to the floor manager, to the girl who fixed your hair.

Be gracious and grateful. Even though you might feel exhausted and you want to jump in your car, take a few moments to show your appreciation. In our society this sometimes seems like a lost art. Let’s keep it alive!

With that, I want to thank you for reading what turned out to be a rather lengthy blog post.

I hope to see you on stage, some day soon!

Paul Strikwerda ©nethervoice

PS Be sweet: Subscribe, Share, and Retweet!

Send to Kindle

De Ezel en de Steen

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Dutch, Personal 4 Comments

New Hope, PA

New Hope, Pennsylvania. Dat was de poëtische naam van het Amerikaanse dorpje waar ik na mijn vertrek uit Nederland terechtkwam.

Het sfeervolle New Hope is gelegen aan de brede Delaware rivier, en staat na Hollywood in makelaarskringen bekend als Amerika’s duurste plaats qua onroerend goed.

Oscar Hammerstein had er een buitenhuis waar hij z’n bekendste musicals schreef en de jonge Stephen Sondheim inspireerde. Main Street is gevuld met dure restaurants, gay bars, galleries vol kleurrijke “kunst,” en winkeltjes waar je wierook, pendels en kristallen kan kopen.

In de zomer trilt het dorp van de honderden Harley’s die dagelijks door de straten denderen. Om elf uur ‘s ochtends wordt er buiten al Budweiser gedronken om de taco’s mee weg te spoelen die meestal in Cheez Whiz (kunstkaas) worden gedipt. Een beter voorbeeld van de verfijnde Amerikaanse keuken kan je niet bedenken.

Het was bijna Kerst. Ik had honderd dollar op zak, en kon zonder rijbewijs of auto nergens komen. Openbaar vervoer leek niet of nauwelijks te bestaan. Dat was iets voor gekke socialistisch landen. In Nederland had ik nooit een auto nodig gehad. Op mijn Brompton vouwfietsje reed ik overal naartoe, en ging verder met de trein.

Ik was in New Hope op uitnodiging van het Instituut voor Holistische Studies. Het was de bedoeling dat ik daar NLP en hypnose trainingen zou gaan geven. Dat klinkt heel nobel, maar eerlijk gezegd was ik eigenlijk op de vlucht. Ik hield het niet meer uit in Holland.

UIT ELKAAR GEGROEID

Terwijl het met onze trainingen in Utrecht steeds beter ging, verslechterde mijn verhouding met degene met wie ik de cursussen gaf. Mijn vrouw.

We hadden beide andere ambities op het gebied van eventuele gezinsuitbreiding, en we dachten verschillend over welke richting we met ons trainingsbedrijfje uitwilden. Mijn vrouw raakte verder intensief betrokken bij wat ik zag als een sektarische beweging die draaide om een charismatische leider die over bijzondere krachten scheen te beschikken. Hoewel ik mezelf spiritueel noem, kon ik daar absoluut niet in meegaan.

Toen ons huwelijk afbrokkelde werd het bijna onmogelijk om nog trainingen met elkaar te geven. Mijn vrouw vertrok naar het buitenland om zich te verdiepen in Universele Energie. Ze vond er het begrip dat ze van mij niet kreeg. Intussen boorde ik mijn contacten aan om te kijken of ik elders les kon geven. Dat bleek in Amerika te zijn.

Sinds mijn BBC tijd in Londen speelde ik al met het idee om Nederland achter me te laten. Ik vond het te klein en te kneuterig. En nu wilde ik weg uit alles wat me pijnlijk herinnerde aan de vele jaren die ik met mijn vrouw had gehad. Zou het in de VS niet lukken, dan kon ik altijd weer terugkomen.

WAT IS SUCCES?

Daar zat ik dus, met m’n twee koffers en een plastic zak.

De eerste levensles die ik in Amerika leerde had te maken met de definitie van succes. Succes is één van die woorden die iedereen in de mond neemt, maar niemand vraagt: “Wat bedoel je daar nou eigenlijk mee?” En omdat we allemaal uitgaan van onze eigen definitie is het makkelijk om langs elkaar heen te praten, denkend dat we het over hetzelfde hebben.

Zakelijk gezien was succes voor mij het wekelijks geven van trainingen aan groepen van tenminste twintig mensen op een professionele locatie. Dat waren mensen die aan het eind van het traject het gevoel hadden dat ze er meer uit hadden gekregen dan ze er financieel in hadden geïnvesteerd.

Mijn partner in New Hope vond ook dat ze een succesvol bedrijfje runde. Ze gaf één op één therapie in haar huiskamer, en af en toe een cursus aan hooguit een man of vijf. Als ze iemand van het roken afhielp was dat voor haar een succes. Dat is natuurlijk mooi, maar elke week twintig cursisten opleiden zet toch wel wat meer doden aan de zijk. 

Ik dacht in Amerika in een gespreid bedje te stappen, maar in realiteit kon mijn partner de huur amper betalen en dat had ze me niet verteld. Stilletjes gokte ze er op dat ik mijn Nederlandse succes in Amerika kon evenaren, en daar was ik niet op voorbereid.

THE AMERICAN DREAM

Allereerst was ik als toerist het land binnengekomen zonder een werkvergunning. Daar had ik in de haast niet aan gedacht. Ten tweede kende ik de kolossale Amerikaanse markt niet. Het mag dan het land van de ongekende mogelijkheden zijn, maar hoe boor je die in vredesnaam aan?

Voorbeeld: met een effectieve advertentie in een paar Nederlandse dagbladen kon je het hele land bereiken zonder dat het veel kostte. De gemiddelde Amerikaan koopt maar af en toe een krant voor de sportuitslagen en de kortingscoupons. Men gaat zeker niet op zoek naar NLP-advertenties. De meesten mensen hebben trouwens geen idee wat NLP is. Hypnose is iets voor een televisie show waar volwassen mensen als een kakelende kip door het beeld lopen.

Verder zijn Amerikanen geobsedeerd door werken en hebben ze weinig vrije tijd om trainingen te volgen. Ze nemen hun vakantiedagen niet eens op (als ze die al hebben) omdat ze bang zijn dat hun baan bij afwezigheid door iemand anders wordt weggekaapt. En als ze kunnen kiezen tussen de nieuwste breedbeeldtelevisie of persoonlijke groei, dan wint de televisie het meestal (de persoonlijke groei komt vanzelf wel door het vele zitten).

Eerlijk gezegd wilde ik na een paar maanden al weer terug naar Nederland, maar ik was bang om voor een loser te worden aangezien. Ik besloot toch te blijven, zeker toen mijn Amerikaanse partner ook in andere opzichten een partner begon te worden.

Wat was dat ook al weer over ezels en stenen? 

LANG LEVE DE HORECA

Omdat het met de trainingen voor geen meter liep en er toch geld in het laatje moest komen besloot ik plan B in werking te stellen. Ik vond een baan waar je geen werkvergunning voor nodig had.

Ik werd ober!

Binnen een paar maanden ging ik dus van een positie als trainer die me meer dan anderhalve ton per jaar opleverde, naar een plek waar ik letterlijk voor een fooi moest werken. Dat was wel even slikken. Oberen is overigens een nobel beroep. Negentig procent van de acteurs in New York en Los Angeles oefenen het met groot succes langdurig uit.

Ik wil niet opscheppen, maar als verdwaalde Europeaan viel ik beslist in de smaak. Allereerst hoefden ze me niet te vertellen aan welke kant van het bord het mes en de vork thuishoorden. Ook kon ik het witte wijnglas van het rode wijnglas onderscheiden. Dat alleen al maakte indruk. Met mijn talenkennis imponeerde ik menige gast, en jongere mannen en oudere vrouwen wilden me na een tweegangen menu graag als toetje mee naar huis nemen.

No, thank you. 

ROLLENSPEL

Voor mij was het kelner zijn een rol die ik speelde. Hoe beter ik acteerde, hoe meer geld ik verdiende. Het gaf me ook de gelegenheid om mensen te observeren, naar hun accenten te luisteren, en hun maniertjes af te kijken.

Ook leerde ik hoe ik bepaalde dagschotels kon verkopen door ze in taal te omschrijven die mensen deed watertanden. Ik leerde de kunst van “upselling.” Ik smeerde mijn gasten duurdere wijnen aan, verse kreeft, en kaviaar. En niemand verliet mijn tafel zonder toetje! Hoe meer geld ze uitgaven, hoe groter mijn fooi. Die training zou me later goed van pas komen toen ik weer voor mezelf begon. 

Intussen trainde ik mijn geheugen door het onthouden van de bestellingen van tientallen veeleisende gasten in een hectische omgeving (“Can I have the steak medium rare without capers but with a side of green beans and some dressing on the side? Make that ranch dressing. No wait, instead of steak I’ll have the chicken with mashed potatoes. Are the peas fresh or frozen?”).

Het was vermoeiend werk, lang op de benen staan, aardig blijven tegen ongemanierde mensen, maar ook een praatpaal zijn voor eenzame gasten.

“Kunt u de tafel voor twee dekken?” vroeg de oude man. “Het is vandaag mijn trouwdag, en mijn vrouw en ik gingen altijd naar dit restaurant om het te vieren. Dit was onze tafel.” Hij liet me een foto van zijn geliefde zien. “This is my Annie. She’s with the Lord now. A drunk driver took her from me on her birthday. She was the love of my life.”

Later die avond konden we nog even napraten. Hij wilde weten waar ik vandaan kwam en wat ik in Nederland had gedaan. Zijn ogen lichtten op toen ik hem vertelde over mijn radio- en televisieverleden. Het was alsof hij die wereld kende.

Bij zijn vertrek nam hij me bij de hand.

“Don’t stay in this place too long,” zei hij zacht. “It’s not for you. Call this place instead. I’m sure they’d love to have you!”

Hij duwde een visitekaartje in mijn hand.

MIKE LEMON CASTING, PHILADELPHIA

wordt vervolgd

Paul Strikwerda ©nethervoice

Send to Kindle

The Neumann Killer Has Arrived, and it’s from Austria!

by Paul Strikwerda in Articles, Gear, Reviews 24 Comments

Austrian Audio OC18 (click to enlarge)

Any day I get to test a new microphone from a new company is a good day.

Today is even better, because I’m trying out the OC18, one of the signature models from Austrian Audio.

For those of you who’d like to skip to the conclusion, here’s my verdict:

The OC18 is more than a microphone.

It is a statement. A statement that puts Austrian Audio on the map. 

The OC18 is a sublime ode to tradition, to mechanical engineering, and to uncompromising craftsmanship.

As far as I’m concerned, the Neumanns, Sennheisers, and Lewitts of the world have been put on notice!

DEEP ROOTS

You may not have heard of Austrian Audio, but you’re familiar with its lineage. Ninety-nine percent of its employees come from the Akustische und Kino-Geräte Gesellschaft m.b.H., better known as AKG.

AKG itself is a subsidiary of Harman International Industries Inc. That’s the company behind Harman Kardon, JBL, Studer, Lexicon, and many other brands. 

In 2017, Samsung Electronics bought Harman in an all-cash transaction, valued at about $8 billion. 

After the deal was done, Harman wanted to cut 650 jobs across the globe to continue its focus on the infotainment and automotive sectors. One of the victims of this policy was AKG’s home office in Vienna. AKG production moved to Eastern Europe and the Far East. 

Anechoic chamber

On July 1st, 2017, a core team of former AKG personnel (management as well as engineers) emerged from the takeover, and formed Austrian Audio. This team was responsible for the development of most of the AKG products in the past twenty years. They made a deal with Harman to buy as much AKG equipment as they could, from office furniture to machinery. Even the anechoic chamber was part of the purchase. 

Right now, the people at Austrian Audio are focused on developing best-in-class, professional audio equipment. As we speak, they’re selling a new suite of hardware and software for audio analysis, testing, and measurement that’s based on the tools they use each and every day. In April they’ve also released two microphones that have recently made it to the United States.

CONTINUING THE TRADITION

These new microphones are based on the famous C12 capsule. According to experts, this is one of the finest and most complex microphone capsules ever made. The C12 is known for having very precise polar patterns throughout the entire frequency range (it could produce 9 different polar patterns).

The original C12 was hard to manufacture (it had a failure rate of 65%), and much of it had to be done by hand. During its ten-year run only 2,500 were made, which comes down to one a day.

Austrian Audio’s CKR12 capsule is traditional in terms of acoustics, but thanks to new materials and an innovative (and to be patented) production process, the assembly is much faster and easier. This no doubt keeps the price down.

Where most makers of C12 clones use a metal-on-plastic interfacing, the CKR12 capsule uses a black ceramic-on-ceramic interfacing of the capsule halves. Ceramic is stiffer and more temperature and humidity resistant. It also has a higher density, which improves mechanical isolation. This makes for a more modern, consistent, and reliable microphone.

The capsule is suspended from three flexible rubber grommets that serve as an internal shockmount. And did I mention that every microphone is 100% made in Vienna? Take a look.

The OC18 I got to test is a large-diaphragm capacitor microphone, featuring a fixed classic cardioid pick-up pattern. The more expensive OC818 features multiple patterns, dual outputs for recording its forward-facing and rear-facing capsules independently, and optional Bluetooth wireless control. The 818 is a marriage of tradition and innovation, but for my purposes it has too many bells and whistles. 

Both mics feature the proprietary handmade ceramic CKR12 capsule, and both models have a pad with -10 and -20 dB settings, as well as a high-pass filter. The Equivalent Noise Level (self-noise) is 9 dBA. In contrast, my very own Gefell M930 Ts has a self-noise level of 7 dBA, just like the Neumann TLM 103. The Sennheiser 416 has a self-noise of 13 dBA.

The OC18 comes in a sturdy carrying case with a mic clip and a spider mount, plus a foam windscreen. The body of the microphone is made as a single piece and has a distinct, stylish look which I find pleasing to the eye. Everything about this microphone tells you that this is a professional piece of gear. Are you ready to hear what it actually sounds like?

TIME TO TEST

Before I share a sample with you, there’s something you need to know. I’m not a musician or a sound engineer, but a voice-over. I’ve been using microphones professionally for over thirty-five years to record commercials, industrials, audio books, guided tours, and eLearning programs. I am going to evaluate the OC18 from that perspective.

Here’s what I look for in a voice-over microphone: 

  • minimal voice coloration (Does it make me sound like myself?)
  • tight pick-up pattern (cardioid or supercardioid)
  • excellent rear rejection
  • controlled proximity effect (bass boost)
  • low susceptibility to sibilance (shrill “S”-sounds) and popping
  • low self-noise
  • value for money

 

Secondly, a word of warning.

Evaluating a microphone based on what you see and hear online is an exercise in futility. If you’re in the market for a new mic, you want to know what it sounds like in your studio using your voice, your acoustics, and your preamp. You don’t need me or some bearded dude using his recording chain and booth, sharing some compressed audio you listen to on your computer speakers. It ain’t fair and it ain’t right.

Having said that, I know you’re getting more curious to find out what the OC18 sounds like in the limited setting of my VO studio. The audio you’re about to hear is “unfooledaround with” (meaning no compression or other sweeteners), and recorded with an Audient iD22 preamplifier. No pads were engaged.

For fun we’ll do an A – B test. The OC18 against my Gefell M930 Ts which I consider to be the best voice-over microphone I have ever tested.

Here’s microphone A:


 

And here’s microphone B:

For the connoisseurs, this was recorded in WAV format, 24 bit, 48,000 Hz and converted to MP3 so it would load quickly. Click here if you’d like to hear the samples uncompressed. I purposely recorded something in Dutch so you wouldn’t be distracted by the content (unless you speak that language, of course).

YOUR IMPRESSION

The question is: How would you describe the difference between mic A and mic B? Is it striking or subtle? 

Which one do you think sounds best, and based on what?

Is that your objective or subjective conclusion? 

At this point I can tell you that one microphone costs $699 and the other $1,647.73. Did you hear a $948.73 difference? More importantly, would a client be able to tell?

Leave your remarks in the comment section, please.

Technically speaking, the OC18 has pads and switches the M930 doesn’t have, but as a voice talent I have no need for them. My iD22 already has a high-pass filter and I’m not going to expose my mic to loud noises any day soon. 

Looking at my criteria for a good voice-over microphone, both mics convincingly tick most of the boxes. Based on specs alone, the OC18 is a clear winner. It’s an all-round performer which will do as well on stage as in the studio.

Considering you’re getting a stellar C12-based, hand-built capsule, the $699 price tag is beyond reasonable. Remember: a Neumann TLM 103 -always a crowd favorite- will set you back about $1,100. I have used the 103 many times, and to me the OC18 sounds more open, balanced, and clear, without being clinical. It is a very user-friendly microphone, even for beginners, and it’s backed by years of audio expertise.

Some critics have mentioned that the form factor makes it hard to place the flat microphone in a generic shock mount. Well, as you can see from the picture at the top of this review, I was able to put the OC18 in a Rycote InVision shockmount system without any problems.

SUMMING UP

Back in 2012, I think I was the first to introduce the voice-over community to the CAD E100S. While this is still a fabulous microphone that offers excellent value for money, there have been some quality control and corporate communication issues at CAD. That’s why I’ve become hesitant to recommend the E100S wholeheartedly.

The OC18 on the other hand, is a different animal. Yes, it’s from a new company, and it was just released. It comes from a small but incredibly knowledgeable and dedicated team that is sought after by other brands who hire Austrian Audio to test their products.

Next to their anechoic chamber, Austrian Audio has a climate chamber where they can simulate the entire life-cycle of a product in a compressed time frame. You bet they’ve subjected their microphones to the most rigorous of tests, before putting them on the market. 

Mark my words, the OC18 is going to be a worthy successor of microphones like the classic AKG 414. I’m sure it will find its way into many voice-over studios across Europe, the United States, and Canada. 

Austrian Audio is being distributed in the U.S. by Momentum Audio Sales in California. Many thanks to Director of Operations Reezin Lovitt, for providing me with a test model, and to Kent Iverson from Austrian Audio to make the introduction. If Sweetwater is your store, you’ll be happy to know that they have the OC18 in stock. Keep in mind that you can test drive several microphones from Sweetwater, and keep the one that makes you sound like your best self.

The opinions expressed in this article are my own, and as with any review on this blog, I did not seek nor receive any compensation for it. 

Oh…. I almost forgot.

Microphone A was the OC18 from Austrian Audio!

Paul Strikwerda ©nethervoice

PS Be sweet: Share, Subscribe and Retweet!

Send to Kindle

Een Zinkend Schip

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Dutch, Freelancing, Personal 2 Comments

Wat doe je als je merkt dat je op een zinkend schip zit? Laten we de boot SS Wereldomroep noemen.

Je hebt drie mogelijkheden:

1. Je geniet van de omgeving en hoopt dat alles weer goed komt;

2. je gaat in een reddingssloep van boord, of

3. je werkt extra hard om het vaartuig drijvende te houden.

Er is ook nog een vierde, meer radicale optie, en die werd gekozen door een beminnelijke collega met een lange staat van dienst. Hier is een hint: zijn werk was zijn leven.

Toen zijn baan werd wegbezuinigd sprong hij overboord en werd later teruggevonden, bungelend aan een brug.

De zachtaardige, stille man die altijd had gedacht dat hij onmisbaar was, was binnen een week vergeten.

Laat dat maar even bezinken.

MIJN GROTE KANS

De meeste mensen om mij heen dachten dat de ondergang van Radio Nederland nog niet zo’n vaart zou lopen. Ze genoten van hun omgeving en hoopten op betere tijden. Ikzelf koos voor optie drie, maar werkte achter de schermen hard aan nummer twee.

Stel dat Gerrit den Braber net zo enthousiast over mij zou zijn als Ilse Wessel. Wat voor deuren zou dat openen? Ik durfde haast niet te dromen. Zelfs mijn vrouw wist nog van niks. Eerst maar eens horen of ik een kans zou maken. Daarna zien we wel verder, was mijn redenering.

Het was 3 mei 1997. Ik lag na een late dienst nog wat uit te slapen toen mijn geliefde me een dampende kop koffie kwam brengen. “Alles goed?” vroeg ik.

“Ja hoor” zei ze. “Ik heb net even een wasje gedraaid en naar De Dingen van de Dag geluisterd.”

“Is er nog iets gebeurd in de wereld?” wilde ik weten.

in de Wereldomroep studio

“Jij zit ook altijd aan het nieuws te denken,” zei mijn vrouw met terechte frustratie.

“Ik weet het. Het is beroepsdeformatie. Ze betalen me om op de hoogte te blijven van al het wereldleed.”

“Over leed gesproken,” zei mijn vrouw. “Weet je wie er vannacht is overleden?”

“Geen idee,” zei ik. “Vertel.”

Gerrit den Braber.”

Ik verslikte me abrupt in de hete koffie en die spoot met een bruine straal over het witte dekbed.

“Het is maar goed dat ik net de was aan het doen ben,” reageerde mijn vrouw. “Ben jij okay? Je ziet eruit alsof jij een spook gezien hebt.”

“Ik denk dat ik net een teken van het universum heb gekregen,” antwoordde ik in shock. “Zeg… zullen we straks even praten over dat trainingsbedrijf waar we het al zo lang over hebben gehad? Iets zegt me dat de tijd rijp is om daar nu aan te beginnen.”

Het was mijn optie nummer twee.

PERSOONLIJKE GROEI

Het ambivalente van een freelance baan is dat het permanente onzekerheid koppelt aan een hoop vrijheid en verantwoordelijkheid. Hoe je daarmee omgaat is helemaal aan jou. De meeste mensen hebben baat bij voorspelbaarheid en structuur, en dat vinden huisbazen, banken en de belastingdienst wel zo prettig. Je weet elke maand precies wat er binnenkomt. Saai maar betrouwbaar. En zo achterhaald.

Soms denk ik dat ik als freelancer geboren ben, omdat ik altijd al alles zelf wilde doen. Ik kon slecht werken onder domme bazen die hun baan te danken hadden aan het Peter Principle. Je weet wel, de arrogante klunzen die waren bevorderd tot een positie waar ze te weinig voor in huis hadden. Daar liepen er in Hilversum te veel van rond. Keizers zonder kleren.

Als freelancer gebruikte ik mijn vrije tijd om trainingen te volgen op het gebied van persoonlijke groei en ontwikkeling. Ik kwam daarbij uit op NLP, maar niet bij het vuurlopen waar Tony Robbins-imitator Ratelband bekend door werd. Mijn tak van Neuro-Linguistisch Programmeren was minder hype en meer therapie. Ik was voortdurend op zoek naar “het probleem achter het probleem,” en naar het ontdekken van iemands ongekende vermogens

met NLP trainer Tad James

Toen mijn vrouw en ik in Nederland de Practitioner en Master Practitioner opleiding hadden afgerond, volgden wij in Costa Mesa (Californië) de trainersopleiding. Ons doel was om ooit samen cursussen te geven. We keerden een aantal zomers als assistent-trainers terug naar Amerika, en werden in Lancaster (Pennsylvania Dutch Country) ook nog opgeleid tot hypnotherapeut.

MEDIA MOE

Ik kon dit alles combineren met mijn omroepwerk, maar op het moment dat mijn eigen programma bij Radio Nederland de nek werd omgedraaid en mijn collega zelfmoord pleegde, bleef één zin maar door mijn hoofd spoken:

“Waar doe ik het in hemelsnaam toch allemaal voor?”

Bij de geëngageerde IKON had ik nog het idee dat ik de wrede wereld kon veranderen met reportages en interviews. Als mensen over al het onrecht in de samenleving horen, dan komen ze wel in actie, dacht ik naïef. Toch bleef de zeespiegel maar stijgen, bleven ploerten aan de macht, en werden mensen het meeleven en meelijden moe. 

Ze wilden afleiding en amusement. Bloot en spelen.

Voor mij was er maar één conclusie:

Educatie (al of niet via de media) leidt niet tot transformatie.

Als informatie echt tot gedragsverandering kon leiden, dan zou niemand meer te veel eten, kettingroken of roekeloos rijden. We weten tenslotte dat dat slecht voor ons is. Maar échte verandering komt van binnenuit, en NLP and hypnose waren manieren om dat binnenste naar buiten te krijgen.

SUCCES

met één van mijn studenten

Terugkijkend ben ik trots dat we ons trainingsinstituut binnen twee jaar op de kaart wisten te zetten. Onze eerste cursus had vijf deelnemers, de tweede tien, en het werden er meer en meer. Hoewel we het niet om het geld deden kwamen er mooie bedragen op onze bankrekening binnen, en dat maakte het voor mij makkelijk om Hilversum te verlaten. 

Bevrijd van de negativiteit en stress van het nieuws genoot ik er elke dag van om het beste uit mijn cursisten (en mezelf) te halen. Ik voelde me zo happy als het lachende mannetje op de Life is Good t-shirts!

Niets wees er nog op dat ik vlak voor de Kerst van 1999 huis en haard zou achterlaten om een nieuw leven te beginnen in een ver land waar ik eigenlijk niks mee had.

wordt vervolgd

Paul Strikwerda ©nethervoice

 

Send to Kindle

Het Mannetje van de Radio

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Dutch, International, Journalism & Media, Personal 12 Comments

Vandaag doe ik iets dat ik nog nooit eerder heb gedaan.

Ik schrijf dit blog in het Nederlands.

Wat is daar nou nieuw aan, zal je misschien denken, maar sinds ik in 2007 met dit blog ben begonnen heb ik altijd in het Engels geschreven. De meeste van de bijna veertig duizend mensen die mijn schrijfsels elke week toegemaild krijgen spreken die taal. Vandaar.

De laatste tijd heb ik wat meer contact met jullie, mijn Nederlandse collega’s, en daarom wil ik dit verhaal graag in mijn moerstaal vertellen. Als je me later op Facebook of Instagram tegenkomt, dan heb je tenminste een beter idee wie die Friese Nederlandse Amerikaan eigenlijk is.

Ga er maar even voor zitten.

THE AMERICAN DREAM

Ik weet nog goed dat ik eind 1999 op de luchthaven van Philadelphia aankwam. Mijn hele leven zat opgepropt in twee koffers en een plastic zak.

Een grote groep gillende meiden wachtte me hysterisch huilend op. Die waren natuurlijk niet voor mij gekomen, maar voor de jongens van de razend populaire band *NSYNC die in hetzelfde vliegtuig naar Amerika waren teruggekeerd. Hun grootste hit op dat moment was “Bye, bye, bye.

Na 36 jaar in Holland te hebben gewoond en gewerkt was het ook voor mij “Bye, bye, bye.” Wat ik achterliet was een gebroken hart, een bedroefde familie, fijne vrienden, en een droombaan als baas van mijn eigen trainingsbedrijf.

Het was maar goed dat ik toen nog niet wist dat ik binnen twee jaar opnieuw zou trouwen, vader zou worden, in een slepende vechtscheiding terecht zou komen, dat mijn dochtertje kanker zou krijgen en mijn derde vrouw moest leren leven met MS. Ik had nog geen idee dat ik bijna aan een beroerte zou komen te overlijden, en dat ik amper twee maanden daarna achter de tralies zou worden gegooid.

Amerika. Het land van de onbegrensde mogelijkheden!

Ironisch genoeg waren de Verenigde Staten het laatste land waar ik ooit terecht had willen komen. Ik had niets met de cultuur. Ik vond de meeste mensen maar dom, luid en oppervlakkig, en mijn taalgevoelige oren hielden niet van het accent dat ik overal om me heen hoorde.

Als ik al ergens naartoe had willen emigreren, dan was het wel Engeland. Het land van de stiff upper lip, Monty Python, Shakespeare en de BBC. Maar voor mij liep de weg naar het Verenigd Koninkrijk wel via Hilversum.

PUBLIEKE OMROEP

Mijn omroep avontuur begon toen ik als 18-jarige geselecteerd werd voor de tweede generatie van AVRO’s MINJON, de Miniatuur Jongeren Omroep Nederland. Ik studeerde in die tijd musicologie in Utrecht, en het leek me wel wat om later klassieke muziekprogramma’s te presenteren.

Bij de stoffige AVRO kreeg ik de unieke kans om alle aspecten van radio en televisie te leren kennen, daarbij geholpen door oude rotten in het vak. Ze zagen blijkbaar wel wat in me, want een jaar later werd ik gevraagd of ik samen met Tosca Hoogduin (“voor wie wil gaan slapen, maar nog niet kan”) een programma zou willen presenteren. Zo leerde ik ook producer Imme Schade van Westrum kennen die bekend stond als “de man achter Willem Duys.”

Tosca ontfermde zich als een moeder over mij, en als ze in de microfoon sprak, resoneerde de tafel in de spreekcel mee met haar diep doorrookte stem. Hoewel ze er in de studio nooit eentje opstak, werd de ruimte snel gevuld door de geur van sigaretten die ze uitwalmde. Wij raakten ons radioprogramma “Play it Again” kwijt toen een AVRO-baas op ons tijdstip een Sinatra show wilde presenteren. De man bleek voorzitter van de Nederlandse Frank Sinatra fanclub te zijn.

NAAR DE IKON

Voor mij was het inmiddels tijd om mijn maatschappelijke dienstplicht te vervullen, en dat deed ik bij de Interkerkelijke Omroep Nederland. Die periode begon dramatisch met de dood van Koos Koster, Hans ter Laag, Jan Kuiper en Joop Willemsen, vier journalisten die in El Salvador door militairen weren vermoord.

Paul (L), in een pij bij het afscheid van IKON radio directeur Barend de Ronden. Links Pia Dijkstra.

Dankzij de IKON werd ik ondergedompeld in de wereld van geëngageerde journalistiek. Ik produceerde, ik presenteerde, en ik ging als reporter de straat op. Als zoon van een Gereformeerd predikant en lid van een Gregoriaans koor, voelde ik me als een vis in het water in de wereld van de religie. Ik interviewde net zo makkelijk Eelco Brinkman, de verbannen bisschop Bär, of zijn baas kardinaal Simonis. Ook kreeg ik de kans om met schrijver Henk Barnard te werken. Henk was de man achter “Pipo de Clown” en “Ja zuster, nee zuster,” de televisie waar ik mee was opgegroeid.

Hilversum is maar een klein dorp, en omdat de IKON geen eigen studios had kwam ik vaak over de vloer bij de NCRV en de KRO. Op een dag was ik aan het monteren toen er een omroeper onwel werd in de studio naast mij. Zijn technicus stormde in paniek binnen en vroeg of er iemand was die in kon vallen. Het enige wat ik hoefde te doen was praten tot aan de pips.

Zo begon mijn carrière als freelance omroeper. Mijn stem was jarenlang voor de NCRV te horen, de KRO, de IKON en later ook de Evangelische Omroep. In het nieuwe omroepcentrum lagen de continuiteitsstudios van radio 1, 2, 3, 4, en 5 tegenover elkaar aan hetzelfde “plein.” Op sommige dagen riep ik op het hele uur om voor de KRO op radio 5, en op het halve uur voor de EO op Radio 2. Beide omroepen betaalden gewoon het volle pond.

Bob van der Houven zat in die tijd vaak voor de klassieke zender in de spreekcel. Als hij een lange symfonie draaide hadden we even tijd om in de kantine Ducktales to improviseren. Hij speelde de neefjes en ik deed Donald Duck. Het was het begin van een lange vriendschap.

EINDELIJK NAAR LONDON

Mijn Londense werkplek

Nadat de bevlogen Wim Koole met pensioen was gegaan trad Geerten van Empel bij de IKON aan als directeur. Geerten bood me de kans om een jongensdroom in vervulling te brengen: werken bij de BBC! Dankzij de vele coproducties waren de lijntjes met London kort, en kreeg ik zomaar een eigen bureau in Yalding House. Ik ging als producer bij het Religious Department aan de slag.

In die tijd woonde ik in de peperdure wijk Kensington, in de buurt van het huis van princes Diana. Een rijke erfgename verhuurde tegen een zacht prijsje kleine cottages aan BBC-personeel. Die cottages waren vroeger voor het personeel van de koningin.

Ik had destijds een bekakt Engels accent, en dat opende heel wat deuren voor me. Zo ging ik undercover bij de Britse tak van Opus Dei (een ultra-conservatieve groep binnen de katholieke kerk), ik nam muziekprogramma’s op in de Abbey Road studios, en ik lunchte met rabbi Jonathan Sachs, de chief rabbi of the Commonwealth.

Mijn sluitstuk was het maken van een uur durende Paas special op Radio One, de meest beluisterde zender. Dit programma, “A Damn Good Lie,” zou later de Sandford St Martin Prize winnen voor “excellence in religious broadcasting.”

EEN WERELDBAAN

Terug bij de IKON leverde dat alles een oer-Hollands “Whatever” op, en het werd me snel duidelijk dat ik die club een beetje ontgroeid was. Gelukkig was de Wereldomroep (RNW) op zoek naar iemand voor het programma “Kerk en Samenleving,” (beter bekend als “Kerk en Samenzwering”) dat vroeger door Pia Dijkstra werd gemaakt.

met technicus Rien Otterspeer

Omdat niemand bij Radio Nederland ook maar enige kennis van of affiniteit met het religieuze leven had, en we de paters in Afrika toch tevreden moesten houden, kreeg ik vrij spel. Dat pakte goed uit, want elke week kreeg ik post van enthousiaste luisteraars uit de hele wereld. Op een terugkeerweekend van missionarissen ergens in het zuiden, werd ik al snel omringd door blije broeders en zusters die mijn stem herkenden. Ik had heuse fans, en ze spraken allemaal met een zachte G!

Mijn eilandje binnen de Wereldomroep was mooi en ook kwetsbaar. Bezuinigingen waren op komst, en er gingen zelfs geruchten over opheffing. Het internet bleek onze grootste vijand te zijn, maar de bedrijfsleiding dacht dat wel te kunnen overleven. Ik probeerde intussen te overleven door mijn halve baan aan te vullen met omroepen en nieuwslezen, werk dat Jeroen Pauw vóór mij had gehad.

Radio Nederland zond in de meeste tijdszones uit, en dat betekende dat ik dag en nacht achter de microfoon zat. Het ergste was als er een collega ziek werd, en ik dubbele diensten moest draaien. Ik hoopte stiekem op brekend nieuws zodat ik makkelijker wakker zou blijven.

Die ervaring maakte wel dat je me op elk tijdstip een tekst onder de neus kon duwen die ik foutloos en met gepaste autoriteit uit kon spreken.

ADRENALINE MACHINE

De onrust binnen de Wereldomroep zorgde voor veel personeelsverschuivingen, en ik werd als freelancer ingehuurd voor de nieuwsredactie en presentatie. Ook leverde ik bijdragen aan de Engelse afdeling en BVN, de televisietak van RNW.

Er werden bekende Nederlanders aangetrokken om onze programma’s meer allure te geven. Ik kwam te werken met Joop van Zijl, Harmen Siezen, Noraly Beyer, Job Boot, en Hans Hoogendoorn. Het was een gouden kans om de kunst van hen af te kijken.

In m’n vrije tijd was ik actief in de NVJ en deed ik wat ik kon om de positie van freelancers te versterken. Verder gaf ik mediatrainingen aan kerkleiders die zonder knikkende knieën voor de camera wilden verschijnen.

De radio was en bleef mijn tweede thuis, en ik raakte verslaafd aan het altijd maar halen van onmogelijke deadlines, aan het werkend eten en het etend werken. Het was ongezond voor lichaam en geest, maar de hechte band met mijn collega’s en de dagelijkse adrenalinekick maakten veel goed.

MUZIKAAL INTERMEZZO

Na een lange uitzending vond ik het heerlijk om, als alle lichten waren uitgegaan, de concertvleugel op te zoeken die tussen de studios geparkeerd stond.

Op een avond improviseerde ik in het donker en zong ik zelfgeschreven liedjes, toen plotseling uit een hoek een bekende (en zeer verzorgde) stem klonk. Het was Ilse Wessel die net het laatste nieuws had gelezen.

“Wat klink je goed!” zei Ilse. “Ik had geen idee dat jij dit kon. Heb je daar nooit iets mee willen doen?”

“Ik heb vroeger wel met studentencabarets opgetreden en op bruiloften van vrienden gezongen, maar daar is het bij gebleven.”

“Nou,” zei Ilse, “als je het goed vind bel ik een vriend van mij die in de muziek zit. Ik vind dat hij je moet horen. Mag ik je telefoonnummer doorgeven?”

“Dat zou ik geweldig vinden, Ilse” zei ik. “Wat aardig van je!”

Ilse hield woord, want de volgende dag ging de telefoon.

“Meneer Strikwerda, met Gerrit den Braber” klonk een wat korzelige stem. “Ilse Wessel zegt dat wij elkaar moeten ontmoeten. Heeft u donderdag tijd?”

Zestig seconden later had ik een afspraak met één van de bekendste producers van Nederland.

Het was 2 mei 1997.

Ik kon het haast niet geloven

Paul Strikwerda ©nethervoice

PS Klik hier voor deel twee

 

Send to Kindle

BEING BOSSED AROUND

by Paul Strikwerda in Articles, Career, Journalism & Media, Personal 10 Comments
VO Boss team

Anne Ganguzza & Gabby Nistico

Voice-overs love talking into microphones. No surprise there. That’s why a number of colleagues have embraced the podcast as a medium to spread their message.

Truth be told, I have a love – hate relationship with podcasts. You may remember my story “The problem with podcasting” where I explain why podcasts are not my thing:

“I spend very little time listening to podcasts. I’d rather read an article than listen to forty minutes of blah-blah-blah. An article or blog post I can scan in a short amount of time. I search for keywords, and skip the fluff.

Done. On to the next one.

Am I going to listen to a forty-minute podcast to possibly pick up a few useful ideas?

No thank you.

But there’s another reason why most podcasts are not my cup of tea.

I have no patience for mediocrity, half-ass efforts, or for untalented amateurs playing radio.”

This admission unleashed a storm of hate mail the likes I had never experienced before. People called me an arrogant sun of a gun, a failed, jealous blogger, and all kinds of other names I don’t care to repeat in public. It was clear that I had stepped on some very sensitive, potty-mouthed toes.

LISTENING TO MYSELF

This hasn’t stopped me from appearing on podcasts. I’m always honored that people seem to think I have interesting things to say, but here’s what you should know:

I rarely listen back to my interviews. Why is that?

Honestly, I feel more comfortable trusting my thoughts to my computer than to an interviewer. You see, writing gives me time to organize my ideas, and rephrase sentences until I’m happy with my words. Being interviewed is a spontaneous process (especially when it’s live), and it’s much easier to fumble and stumble. Once your words are out, you can’t take ’em back!

I tend to self-analyze while I’m talking, and I lose my train of thought wondering what point I was trying to make. Sounds familiar? On top of that, my post-stroke brain is often foggy, forgetful, and disorganized. What comes out of my mouth tends to be a reflection of that.

So, when Anne Ganguzza and Gabby Nistico asked me to be a guest on the VO BOSS podcast, I had to talk myself into doing it. One of the reasons for my hesitation was connected to my struggle to control my feelings in public.

 

ACCESSING EMOTIONS

It’s ironic: right after my stroke I couldn’t access my emotions, no matter how hard I tried. I could sense they were waiting behind a huge wall, but I had no way of reaching them. I felt disassociated from what was happening to me, and my speaking voice was monotone and robotic. Only after many, many hours of speech therapy was I able to begin to infuse my words with some emotion.

In March of this year, during VO Atlanta, a miracle happened. I unexpectedly broke through the impenetrable wall, and the floodgates opened! Since then I’ve become this overly sensitive and sappy guy whose eyeballs start leaking while watching sad and sweet stories on TV. I’m particularly moved by people helping people who are down on their luck.

Those who are close to me say it’s a good thing that a man dares to be vulnerable and show some emotions. They wish more men would show that side of their personality. To me it feels like I have no choice but to tear up, and I’d like to be able to control my feelings a bit better.

One of the things I have learned during my recovery is that I can’t force anything to happen. It will happen when the time is right. Perhaps I will always stay this way, and you’ll catch me crying during a podcast. Perhaps I’ll get a grip and contain myself in the future.

MY VO BOSS MOMENT

So, here’s the interview with Anne and Gabby. The one I’m not going to listen to.

Will you do the honors?

A huge thank you to the VO Boss team for having me on the show, and thank you for listening to the podcast!

Can I please get back to my computer?

Paul Strikwerda ©nethervoice

PS Be sweet: share, subscribe & retweet!

Send to Kindle

The Confident Skills of a Sex God

by Paul Strikwerda in Articles, Personal 10 Comments

DSC00347Dear Prudence:

I am a bit of a prude, and that’s a problem. You see, I work as a voice actor, and recently I was asked to narrate a script that turned out to be very erotic. There were certain words in the story I just couldn’t pronounce. It was too embarrassing. The trouble is: I already committed to the project. What am I to do?

That voice actor could have been me, not so long ago. Do you want to hear the story?

Well, a client from an Eastern-European country approached me because he was looking for someone with a hypnotic voice. Since I’m also a certified trainer of hypnotherapy, I thought this was right up my alley.

The client explained that I would be recording a 5-session audio program that could trance-form a shy wallflower of a man into a confident guy who had no trouble approaching women.

Before I tell you more, there’s something you should know.

THIS IS ME

Many, many moons ago, I was that man: rather nerdy, and terrified of the opposite sex. Every time I liked a girl I got this burning feeling of “move away closer.” It was a strange mix of being fascinated and frightened at the same time. I never dared to take the first step, paralyzed by an intense fear of rejection.

Of course I blamed my parents. They weren’t very touchy-feely people, and they rarely showed their affection in public. When my dad tried to explain the principles of procreation, he did it in a way only a Dutch Reformed minister could illuminate the miracle of life: in technical terms. He might as well have read me the manual of motorcycle maintenance.

Even though Dutch society is often seen as liberal and open, I grew up with the notion that nudity was naughty, and that sex revolved around dirty deeds taking place behind closed bedroom doors. One should stay away from it as long as possible. And that’s exactly what I did. At age 20, the sex life of a missionary might have been more exciting than mine.

We all know that repression leads to rebellion and eventually the hidden hedonist in me won over from the conflicted Calvinist. These days everybody knows me as the uber-confident, outrageously charismatic chick magnet I am; the guy who turned down the lead in Fifty Shades Of Grey. I beat myself up over it, and I must say… it was quite enjoyable.

But seriously, I’m a big believer in the benefits of hypnosis, and I really want to improve the life of my fellow-man. So, when the offer of narrating a self-help program came to me, I said to myself: “Why not?”

THE POWER OF SUGGESTION

If you’re at all familiar with hypnosis, you know that it’s based on the power of suggestion. A simple phrase like “Imagine being in a beautiful place where you can totally relax,” will elicit a certain state in certain people. It’s nothing mysterious. Words have the power to evoke images, sounds, and feelings. Why else would so many people be hooked on audio books?

Most hypnotic scripts begin something like this:

“Sit in a comfortable chair or just lie on a couch or a bed with your hands resting in your lap or by your side. When you are ready, begin.

Draw in three slow deep breaths… and another … still another. Each time you inhale, focus on filling your lungs with clean fresh air. As you exhale feel all the tension leave your lungs and your entire body. You feel so good. Perfectly relaxed.”

Once the listener reaches a deeper state of relaxation, the idea is to bypass all critical thinking which increases the openness to, and acceptance of more direct suggestions. And so the self-help script I was working on continued….

“You can achieve anything when you use your own power of mind. You will find yourself sleeping better. When it’s time to sleep, you’ll dream pleasant guiding dreams about becoming the guy with all the girls around him, and it’s a great dream that you enjoy having regularly. This dream further empowers you to be the Sex God you truly desire to be. That’s because you are now the guy that all the girls love. You possess the qualities that women look for and want to have a sexual relationship with.”

At this point I could see where this was going, and the prude in me started to protest, but the script went on:

“As of this moment, you can successfully flirt a woman into a ‘more’ situation, and then provide the best nights’ entertainment, and an amazing night or weekend of shagging, and she will always beg for more.”

I beg your pardon?

I had to stop the recording, and wondered: “Am I really saying this? I would never use the word shagging. It’s vulgar. Do I really want to go on?

“10… going deeper, deeper and deeper…
9… more and more relaxed…
8… deeper and deeper, than before…”

The temperature in my sound booth began to rise, and I took my sweater off. It felt like there wasn’t enough air in the small space. What on earth had I gotten myself into?

“7… deeper still…”

After taking a deep breath, my inner voice started reading the words in front of me:

“Imagine that you are with a lover, in a hot tub, and you are still making love and feeling her pleasure because you are very sensitive, caring… slow when she needs slow, fast when she needs fast, deep when she needs deep, just stimulating the first 1” of the entrance near the G-spot, and sometimes throbbing and contracting to bring her greater pleasure, and you KNOW that being a gentle and caring lover is more important, and by practicing what you are doing with care and gentle warmth you enhance your own sexual talents, enhance your penis’ awareness of how to make love, and she can feel it and it thrills her.”

Here’s where I completely lost it. This wasn’t a hypnotic self-help induction. This was pure, unadulterated porn, and my awareness of it didn’t need to be enhanced. It made me utterly uncomfortable, and I had to ask myself one question:

“Do I want to be known as the Ron Jeremy of voice-overs?”

Of course not!

MIND OVER BODY

To make matters worse, my mind decided to convey this message to my muscles, and my lips responded appropriately by refusing to say the p-word. No matter how hard I tried, I couldn’t pronounce it.

It was as if I had regressed. That sometimes occurs when people are under hypnosis. My prude, Protestant self was penalizing me for what I was doing. I’ve had this happen once before, when I had to read a short story filled with brutal, gratuitous violence. It was too graphic. I just couldn’t do it.

The problem with this job was that I was working on session five. I had recorded the previous four, and the illustrious Uncle Roy Yokelson had already added hypnotic music, and mixed and mastered the audio. The finish line was in sight. I’d also signed a contract, and it would be silly of me to back down because of a stupid two-syllable word.

TAKING A BREAK

I decided to leave my studio and walk around the block. Once I had cooled down a bit, I zoomed in on the heart of the matter:

I was taking this way too personally.

These weren’t my words. This wasn’t my script. I was just an unidentified voice, whispering in someone’s horny ear.

“Get yourself out of the way,” I said. “Be a man, and do the job you were hired to do. You’re a voice actor. You get paid because you’re good at pretending. Now, get in front of that microphone, and finish what you started!”

These were almost self-hypnotic suggestions, and they did the trick. I was only a few pages away from completing this project, when I spoke the following words:

“Your subconscious now hears these special suggestions deeply and profoundly: I am sure and confident about myself. I know what a woman wants and I have the skills to deliver it. So, hold that image of successfully flirting with her in your mind. No Fear – No Intimidation. You walk tall and proud, shoulders back with total and complete self-confidence and purposely walk up to this woman who is everything you have always wanted and here she is in body and soul. You visualize being her lover, and her going absolutely wild with you and for you.

Your own mind reaffirms: I am a wild sexual tiger. Hear me roar.

LATER THAT DAY

A few minutes after I was done recording, my wonderful, gorgeous wife came home.

“How was your day, honey?” she asked.

“Fine,” I said with a smile. “Totally fine.”

She stared at me for a moment.

“What’s that look in your eyes,” she wanted to know. “Is there something on your mind?”

“Sweetie, you look absolutely amazing,” I said. “Let’s go upstairs.”

“Right now?” she asked.

“Right now!” I roared.

Paul Strikwerda ©nethervoice

PS Be sweet. Subscribe, Share & Retweet!

Send to Kindle

1 2 3 4 5 6 7 8 9 10 ... 39 40   Next »
Do NOT follow this link or you will be banned from the site!